Voor een vrouw die baart, is het duidelijk. Ze zal met het kindje wat ín háar baarmoeder gevormd is een pijnlijke ‘trip’ doormaken om werkelijk vast te kunnen houden. Een noodzakelijk ‘moeten’, want haar lichaam zal niet té lang kúnnen vasthouden zonder gevaar voor beide levens. Het kindje heeft een ‘nieuwe wereld’ nodig om te kunnen ontdekken en ontwikkelen wie hij is. Het lichaam van de moeder zal beschikbaar blijven. De stem van vader krijgt ogen en handen. Voorzienend in fysieke behoeftes die er eerst niet waren; het ‘thuisje’ in moeder voorzag immers in alles.
Het is een intensieve weg om van baby volwassen te worden. Qua fysieke ontwikkeling en het ontwikkelen van fysieke vaardigheden. Ook emotioneel en in de sociale context van het leven beleven is er veel nodig om op te groeien tot een stabiele persoonlijkheid. Buiten de baarmoeder is meer ‘omgeving’ dan erbinnen. Voor alle partijen een ontdekkingsreis vol uitdagingen en ook ‘gevaren’. Bedoeld om met elkaar door te gaan en plezier aan te beleven…samen…
Bijbels gezien is elk kind al voordat het geboren, of verwekt is, geliefd en gewenst. Het Vaderhart van God verlangt ernaar om tot ontplooiing te zien komen wat Hij in ieder gelegd heeft. En dan toch die pijnlijke weg al vanaf geboorte of daarvoor. Aardse beslommeringen, fysiek of emotioneel hebben invloed op elk stukje ontwikkeling. Tja, dat is de erfenis sinds Adam en Eva hun vrije wil gebruikten om Gods liefdevolle grens te negeren. Sindsdien neigt de mensheid tot ‘ikke zelf doen’; hierbij moeizaam grenzen en autoriteit omarmend.
Elke ouder krijgt hier al met een jong kind mee te maken. Vanaf een jaar of 2 ontwikkelt het eigen willetje. Hóe hierop gereageerd wordt, is redelijk bepalend voor de vorming van karakter. We kunnen een visie hebben over ‘de beste aanpak’, boeken lezen over ‘ontwikkelend brein’. We kunnen te dealen hebben met onverwerkte issues uit onze eigen opvoeding. We kunnen het beste ‘willen’ en toch moeizaam ‘kunnen’.
En dan is de kernvraag… weet jij jezelf gewenst en geliefd wanneer je tekortschiet in wat de ander van je nodig heeft om te ‘mogen zijn?’ Of het nu kind, partner of ieder ander is. Wat is dán je bron om uit te putten, de grond van je bestaan. Je eigen opvoeding of reactie erop? Welke overtuiging is leidend? En als dit ontoereikend is. Mag gebrokenheid dan voort blijven woekeren?
Ik getuig dat er 1 perfecte ‘oplossing’ is; 1 puzzelstukje wat naadloos past … Jezus … En geloof me, ik heb andere opties geprobeerd;) Ik kwam absoluut berouwvol tot geloof én zocht een uitweg uit pijnlijkheden. Waren die direct voorbij? Absoluut niet! Wél was ik geestelijk geboren en mocht ik leren Wie God als Vader is. Mijn ‘vrije wil’ werd ‘wapen’; ik wilde Hém. Het leven leren Leven zoals Hij het voor mij bedoeld heeft.
Mijn aardse beeld van ‘liefde’ was anders dan de Zijne. Mijn ontvangstmodus was beschadigd. Het leren ontvangen van Zijn Liefde werd een hele kunst. Zodra dit begon te stromen, stroomde ook troost voor oudzeer; er was veilige hechting. ‘Correctie’ werd enkel gegeven binnen een liefdevolle ontmoeting. Als kind van de grote ‘IK BEN’ mocht ik ‘zijn’. Ik hoefde niet eerst ‘iets te worden, kunnen of doen’ voordat ik bij Hem mocht komen. Ik mocht komen zoals ik er op elk moment aan toe was; vrijmoedig naderen. Hij liet me los en hield me vast. Hij verdroeg elke pijnlijkheid van mijn ongehoorzaamheid, die altijd afstand creëerde. En éen enkel berouwvol gebed gaf/geeft herstel van Relatie. ALLES dankzij Jezus en het werk van de Heilige Geest in mij.
Ik zie een gelijkenis met hoe een ouder er voor een kind mag zijn. Voortdurend te maken hebbend met de dynamiek van ‘loslaten en vasthouden’. Je ziet je kind in wegen gaan, waarvan jij al weet dat het niet zal leiden tot vervulling van het hoger doel wat God heeft gegeven. Hooguit tot primaire behoefte bevrediging of vermijden van ervaren van pijn; jouw eigen patronen herhalend.
Hoewel ik moeder werd door geboorte van mijn kinderen is God de Enige die mij ‘moeder’ kan laten zijn. De Enige die mijn onfeilbaar voorbeeld is in hoe Liefde hoort te functioneren. Onvoorwaardelijk ‘loslatend én vasthoudend’. Enkel corrigerend binnen een relatie. Hoe spannend is dat. Neigen we niet allemaal tot ‘gillen’ wanneer ons kind in gevaar is. Ik ‘gil’ biddend, Hem vertrouwend. Eens moest ik mijn kinderen uit mijn lichaam loslaten om ze te kunnen vasthouden; omwille van een ontmoeting met hun vader. Nu loslatend vanuit mijn ziel, omwille van de Ontmoeting met de Vader. Hij heeft hen in gedachten gehad voordat ze verwekt werden. Elk kind heeft de vrije wil om Hem te zien en te willen ervaren als veilige Bron van Leven.
Heer, ontferm U over mij en hen als Vader… Jezus is de Weg!

Geef een reactie